Hoe rijdt de Jaguar I-PACE

Over de Jaguar I-PACE is al van alles geschreven. Valt daar nog wat aan toe te voegen? De Praktijktest van E-xpeditie.nl leverde enkele verrassende inzichten op. De Jaguar is in de eerste plaats een echte rijdersauto. De I-PACE daagt zijn bestuurders echter uit. Een beheerste bestuurder rijdt hiermee ook nog eens zuiniger dan met een Tesla X.


jaguar i pace ijsselhotel

Is het een Jaguar?

Bij Jaguar denk ik, geboren met het spreekwoordelijke benzine in het bloed, aan dubbele ronde koplampen, en lange motorkappen en fraaie welvingen, aan V8-en en zelfs V12-en. Aan interieurs met typische Engelse tierelanten en houten afwerkingen. Maar die tijd is niet meer.  De klantenkring van Jaguar verouderde en Jaguar moest zichzelf opnieuw uitvinden. Het eerste resultaat: de F-PACE. In 2016 kwamen de eerste schetsen van de I-PACE naar buiten en anno 2018 is het zover: de eerste exemplaren zijn overhandigd aan trotse berijders.

De lange motorkap maakte plaats voor een kort neusje en de tekortkomingen van de oude Jaguars (te weinig ruimte) werden omgezet in pluspunten: de I-PACE biedt een zee van ruimte. Ik kan met mijn 1.92m comfortabel ‘achter mezelf’ zitten. Weliswaar raakt mijn kruin de dakhemel en moet ik bij het instappen even opletten voor de sterk aflopende dorpel. Maar ik kan uitstekend zitten en hou dat ook over langere afstanden prima vol. En bagageruimte? Plenty sir!

Maar de vraag die me tijdens de testdagen continu door het hoofd speelde: is het een Jag? En zo ja, waar zit hem dat dan in?

Specs

Twee motoren, 400 pk. Een batterij van 90 kWh. Rijklaar gewicht 2140 kilogram. Van 0 naar 100 km/h in 4,8 seconden en een top van 200 km/h. Het past allemaal binnen een lengte van 4,68 m. De wielbasis van net geen 3,0 m gaat gecombineerd met een draaicirkel van bijna 12 m.

De I-PACE is leverbaar vanaf € 80.000. De testauto is de flink aangeklede First Edition, gehuld in een prachtig blauw (Caesium blue), getooid met een HSE badge, de Performance Stoelen zijn van betoverend mooi Ebony leer (bruin) en hij staat op gigagrote 22 inch wielen. Hoe groter de wielen, hoe lager de rolweerstand. Maar ik denk niet dat die wielen om die reden gekozen zijn. Anyway: het is van binnen én buiten een pláátje. Wie op pad gaat met deze blauwe Jag kan rekenen op veel aanspraak én veel complimenten. Het prijskaartje aan de testauto is echter opgelopen tot € 104.780.

jaguar i pace hartenaasje 4

Exterieur en interieur

Een plaatje zegt meer dan duizend woorden. Het blauw staat hem fantastisch. Naar mijn persoonlijke smaak zelfs vele malen beter dan de grijze, rode, witte of zwarte exemplaren. Deze springt er uit, zeker op de dikke 22 inch wielen. Dat levert heel veel aanspraak op bij de Fastned’s en waar ik ook maar parkeer. Bij de wasstraat komt er spontaan een medewerker op me af om ook de binnenkant van de dorpels te drogen. En da’s echt voor het eerst. Het publiek vindt deze auto prachtig. En dat is ie ook.

Al helemaal aan de binnenkant. De sportstoelen zijn superdun (zo creëer je binnenruimte), zien er uit als eerste klas sportstoelen en zitten idem dito.

Het interieur is supernetjes afgewerkt, mooie knoppen, mooie materialen. De Engelse stijl van vroeger is echt verleden tijd. Maar is het een Jaguar? Na drie dagen in de I-PACE zeg ik: ja. Je realiseert je dat je met iets bijzonders op pad bent. Je omgeving is van invloed op je gedrag en hoe je je voelt. En de I-PACE voelt bijzonder prettig. Je kunt een spijkerbroek aantrekken en je kan ook een maatpak van het knaapje halen. De I-PACE is een kostuum dat je goed staat en waar je je goed in voelt.

Informatiesysteem

Net als bij Audi heeft de Jaguar twee gescheiden schermen in het midden plus een scherm achter het stuur. Er valt ontzettend veel in te stellen. Zo is het mogelijk om de kruipstand (dat ie bij stilstand verder wil rijden) uit te zetten. Voor mij is dat een zegen, maar er zijn ook mensen die liever hebben dat ie vanzelf begint te rijden. Zo zijn er nog legio mogelijkheden.

Jaguar heeft geïnvesteerd in de mogelijkheid om laadinformatie aan te bieden. Daar mogen nog een paar updates overheen: als je nu een rit invoert en de boordcomputer stelt vast dat je te weinig ‘peut’ hebt, dan stuur ie je naar de dichtsbijzijndste laadpaal. Dat is niet wat je wilt: je wilt een snellader (liefst meer dan 100 kW) op strategische plaatsen langs je route. Ga er maar vanuit dat dit onderdeel in de toekomst verbeterd wordt.

Je kunt wel je favoriete laadpaalaanbieder selecteren. Jammer genoeg trof ik daar nog geen Fastned bij aan. Ook dat wordt via updates verbeterd (via internet, net als bij Tesla).

Jaguar is een merk met een enorme historie in de autosport. Dat zie je terug in het informatiesysteem: als je de Dynamic modus aan hebt staan (andere instellingen vermogen, besturing en demping) dan heb je extra informatie: een stopwatch, een G-meter en informatie over hoe je je gas- en rempedaal gebruikt. Ik kwam tot een maximale versnelling van 0,7 G en 0,8 G in de bochten. En dan kom ik bij de kern: is de I-PACE een Jaguar? Volmondig ja!

g meter 2

Laden

De I-PACE kan tot 100 kW opgeladen worden met gelijkstroom (DC). Beter bekend als snelladen. Fastned rolt een netwerk van 175 kW snelladers uit en onlangs heeft Ionity een eerste 350 kW station in Apeldoorn geplaatst.

Laden met wisselstroom is een uitdaging: dat gaat maar via één fase met maximaal 32A, ofwel 7,4 kW. De meeste huisaansluitingen zullen echter maar 3,7 kW kunnen leveren en dat kan niet altijd voldoende zijn om de I-PACE ’s ochtends vroeg weer op 100%. Gelukkig komen er snelladers voor thuisgebruik aan. Daarmee kan tot 12 kW worden snelgeladen en dat is heel interessant voor berijders van EV’s met grote batterijen.

Prestaties

Hier kan ik kort en bondig over zijn. Een auto met 400 pk met een massa van dik 2100 kilogrammen, die je het gevoel geeft dat je er mee kunt gooien en smijten. Da’s klasse! De I-PACE is een rijdersauto pur sang! Hij stuurt met ontzettend veel gevoel, ook in het grensgebied. Op dat vlak vind ik hem beter dan de Tesla S en X.

Jaguar heeft goed nagedacht over de beleving. Als je de 400 paarden wilt laten trappelen, hoor je een grommende roffel via de speakers. Het slaat natuurlijk nergens op, maar stiekem vind ik dat wel leuk.

Een bijzondere vermelding verdient de adaptieve cruise control. In Nederland is het usance dat men pal voor je invoegt. Ik ken een aantal cruise controls die dan heel ferm ingrijpen. De Jag deed dat ook, maar dan heel vloeiend. Omdat dat niet met paniekerige schokken gepaard gaat, blijft de rust aan boord bewaard. Grote pluim voor de ingenieurs die dit zo hebben weten in te regelen!

Mijn analyse

Het lijkt me duidelijk: de I-PACE is een echte Jaguar: stijlvol en snel. Wie naar de naakte cijfers kijkt ziet dat een Tesla S 100D de sprint nog iets sneller doet dan de Jag: 4,3 tegen 4,8 seconden. En ook de topsnelheid van de S is hoger: 250 tegen 200 kilometer per uur. Van de Model X P 100 D wint de Jag het nipt. De X sprint in 4,9 seconden naar de 100.

Maar dat zijn cijfers die eigenlijk niet zo veel zeggen. Er zijn meerdere overwegingen om een bepaald merk te kiezen. Het is fijn dat die keuze er is: de I-PACE boort een andere doelgroep aan dan de Tesla’s. Als straks ook de Audi e-Tron en de Mercedes EQC op de Nederlandse automarkt zijn, valt er serieus wat te kiezen.

jaguar i pace grote mobiliteitstest

De Grote Mobiliteitstest

De Grote Mobiliteitstest is een rit van Deventer – Amsterdam – Eindhoven – Deventer over de snelwegen en is zo’n 320 kilometer lang. De tijd die nodig is om deze rit af te leggen zegt iets over de praktische bruikbaarheid van een EV. Het maakt het bovendien mogelijk om goed te vergelijken met andere EV’s.

Ik zal met de deur in huis vallen: bij de start van deze test gaf de boordcomputer net geen 350 km actieradius aan. Ik begon met 120 km/h op de cruise control. Omdat ik de actieradius snel zag afnemen moest ik kiezen: of flink doorstomen en vrijwel zeker bijladen, of proberen om de Jag de test zonder bijladen uit te rijden. Ik koos voor het laatste en zette de cruise control op 100 km/h.

Daarmee wist ik de test uit te rijden om te arriveren met een reserve van 21 kilometer. Dat was ruim voldoende om een sprint naar Fastned Vundelaar te trekken.

De I-PACE deed de test (314 kilometer) in 3 uur en 25 minuten. Dat komt overeen met een gemiddelde snelheid van 92 km/h. Het testverbruik was 23,7 kWh/100 km.

De Tesla S 90 D deed de test in 3 uur 32 minuten. Het verbruik daarvan was 20,9 kWh/100 km. De S legde overigens flink meer kilometers af (346 als gevolg van een bestuurder die iets te veel in de watten was gelegd door de Autopilot). De Tesla Model X P 100 D had 24,8 kWh/100 km nodig. Kortom: de I-PACE kan zich in deze test uitstekend meten met deze concurrenten!

driving style

Waar een Tesla deze test moeiteloos aflegt, vergt dat met de Jaguar een flinke zelfbeheersing. Maar is dat erg? Laten we wel zijn, als je voor de I-PACE gaat, doe je dat niet omdat ie zo zuinig is. Het is net als met kleren: kies je voor een spijkerbroek of voor een maatpak? Flinke afmetingen en dikke banden zijn geen recept voor een zuinige EV. Twee dikke motoren en dikke banden en een uitmuntend onderstel zijn wél een recept voor een auto die verschrikkelijk lekker rijdt.

Van de Jaguar lees ik elders dat het een zuipschuit is. Zijn verbruik ligt op hetzelfde niveau als van de Model X. Dat je ook voor kleinere EV’s kan kiezen is duidelijk. Maar wie een dikke Duitse 3.0 diesel moet laten staan, stapt niet zo maar in een willekeurige EV. Daarvan is de I-PACE één van de alternatieven. Voor de meesten zal een dagelijkse actieradius van dik 300 kilometer voldoende zijn. De echte 'heavy users' moeten misschien nog eens even goed nadenken.

Het feit dat de auto je uitnodigt om flink stroom te geven zie ik niet als een manco maar als een kwaliteit. Who pulls the trigger?

jaguar i pace spinneweb

Deze blog verscheen eerder op www.e-xpeditie.nl.

Tags: ,

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen